|
|
|
|
|
Het beeldkader
Eenmaal men alle beelden heeft gefilmd, zullen deze later in de montage samengevoegd worden tot een logisch, coherent en duidelijk programma. Maar reeds bij de opname moet men rekening houden met de montage. De camera-as is zo'n belangrijke regel waarop men moet letten bij het filmen.
Stel we filmen twee personen die met elkaar praten of die, zoals in onderstaande filmfragmenten, met elkaar een gezelschapsspel spelen. In het eerste ruime, algemene beeld zien we onmiddelijk de positie van de twee meisjes. In dit beeld kijkt het linkse meisje met de beige trui naar rechts (naar het meisje met de groene trui), en het rechtse meisje met de groene trui kijkt naar links (naar het meisje met de beige trui).
De camera-as loopt hier van de ogen van het ene meisje tot de ogen van het andere. Deze as (of lijn) mogen we met de camera niet overschrijden.
Doen we dit toch dan zullen de personen van positie verspringen. Volg maar eens in beide fragmenten het meisje met de groene trui. In het foutieve fragment treedt er verwarring op aangezien de beide meisjes voortdurend van plaats verspringen, van links naar rechts, van rechts naar links. Dit maakt het voor de kijker zeer verwarrend om het spel te kunnen volgen. In het correcte fragment zullen de meisjes steeds op dezelfde zijde in het beeld terug te vinden zijn, steeds links of steeds rechts. Voor de kijker verloopt het damspel nu logisch.
Er zijn echter wel manieren waarop men de camera-as kan overschrijden zonder de kijker te desoriënteren. Zo kan men bijvoorbeeld een camerabeweging doen waarbij men over de as gaat: dit is niet verwarrend omdat je als kijker zelf meemaakt dat je over de as gaat. Of men kan een nieuw ruim, algemeen beeld geven, om de kijker te heroriënteren.
|
|